‘Ik heb altijd al veel aandacht voor een gezonde bodem, het gebruik van mycorrhiza kan daarbij een rol spelen’
– Alfons Kuip, agrariër en deelnemer veldproef
Praktijkonderzoek op Texel
Uitgangspunten
Onderdeel van dit project was een meerjarige praktijkproef die werd uitgevoerd op drie locaties (akkerbouw en bollenteelt) bij verschillende gewassen. In de uitvoering is gericht onderzoek gedaan naar (een combinatie van):
- het actief toedienen van mycorrhiza bij zaaien, stekken en planten
- gerichte bodembewerkingen en teeltmaatregelen.
Onderzoekslocaties op Texel
Op Texel zijn drie proefvelden aangelegd. Hierop zijn gedurende twee seizoenen een aantal representatieve gewassen geteeld en gemonitord. In overleg met betrokken partijen en agrarische deelnemers is gekozen voor dahlia’s, uien en pootaardappelen: relatief hoog salderende gewassen. Aanvankelijk was er ook een perceel luzerne, maar door slechte opkomst van het gewas is deze proef voortijdig gestopt.
Vier agrarische ondernemers hebben gewassen op de proefvelden geteeld:
- Alfons Kuip uien en pootaardappelen locatie 1
- Klaas Uitgeest dahlia’s locatie 2a en 2b
- Wouter Lap pootaardappelen locatie 2a
- Pieter Langeveld pootaardappelen locatie 3Onderzoekslocaties op Texel

Proefopzet
In elk gekozen gewas zijn vier onderzoeksplotjes (+ een herhaling) aangelegd op basis van twee variabelen, namelijk toediening mycorrhiza en een alternatief teeltsysteem.
Het alternatieve teeltsysteem omvat de volgende behandelingen:
- kerende en niet-kerende grondbewerkingen
- geen (passief) en wel (actief) toedienen van mycorrhizapreparaat
- toepassing gangbare kunstmest of alternatieve meststoffen, zoals meststoffen gebaseerd op plantaardige grondstoffen.
Bij de praktijkproef is onderscheid gemaakt tussen vier behandelingen:
- Het eerste object is de nulmeting; daarbij is gebruikgemaakt van het gangbare teeltsysteem van de teler en zijn de mycorrhiza niet actief toegediend.
- Bij het tweede object is ook het gangbare teeltsysteem toegepast, maar hierbij zijn actief mycorrhiza toegediend.
- Bij het derde en vierde object is een alternatief teeltsysteem toegepast. Hierbij is gekozen voor een niet-kerende grondbewerking, geen gebruik van chloorhoudende kunstmeststoffen en geen fungiciden. Doel van het alternatieve teeltsysteem is de ontwikkeling van de mycorrhiza te bevorderen. Bij het derde object is het alternatieve teeltsysteem toegepast, maar zijn de mycorrhiza niet actief toegediend. Beoogd doel was hier de van nature aanwezige mycorrhiza te bevorderen. Bij het vierde object is het alternatieve teeltsysteem toegepast mét actieve toediening van mycorrhiza.

Metingen en beoordelingen
Om de effecten in beeld te brengen zijn diverse beoordelingen en metingen gedaan:
- (Tweewekelijkse) Beoordeling van de ontwikkeling, vitaliteit en groei van de planten. Deze beoordeling is vooral beschrijvend van aard.
- Meten van de productie; per onderzoeksplot wordt de opbrengst gemeten in vijf vlakken van 1 m2. Bij de opbrengstmeting is ook globaal gekeken naar de kwaliteit van het product (o.a. kleur en textuur).
- Nemen en analyseren van bodemmonsters naar mycorrhizabezetting. De monsters worden geanalyseerd bij Plant Health Cure, specialist en koploper op het gebied van mycorrhiza-technologie en bodembiologie. Het gaat hier om nulmetingen en metingen tijdens het seizoen en na de oogst.
- Analyse van bladsap en vruchten naar inhoudsstoffen. Deze analyses zijn uitgevoerd door NovaCrop, een hierin gespecialiseerd onderzoekscentrum.

Resultaten
De resultaten per proefveld verschilden op onderdelen van elkaar en de afzonderlijke resultaten worden beschreven in het uitgebreide eindverslag. In deze brochure beschrijven we slechts enkele globale resultaten van de totale proef:
1. Het actief toedienen van mycorrhiza bij de gangbare teeltsystemen (en in mindere mate bij het alternatieve teeltsystemen) had een positief effect op de kolonisatie van mycorrhiza.
2. Bij het alternatieve teeltsystemen vond meer kolonisatie van mycorrhiza plaats dan bij de gangbare systemen. Echter bleken de verschillen in kolonisatie wel gering.
3. Het actief toedienen van mycorrhiza heeft nauwelijks effect gehad op de opbrengsten van de gewassen bij het alternatieve teeltsysteem.
4. Het actief toedienen van mycorrhiza heeft nauwelijks effect gehad op de opbrengsten van de gewassen bij het gangbare teeltsysteem.
5. De alternatieve teeltsystemen gaven overal een lagere opbrengst dan de gangbare teeltsystemen. Dit werd veroorzaakt door lagere (stikstof)giften.

Conclusies en adviezen
De resultaten per proefveld verschilden op onderdelen van elkaar en de afzonderlijke resultaten worden beschreven in het uitgebreide eindverslag. In deze brochure beschrijven we slechts enkele globale resultaten van de totale proef:
1. Het actief toedienen van mycorrhiza bij de gangbare teeltsystemen (en in mindere mate bij het alternatieve teeltsystemen) had een positief effect op de kolonisatie van mycorrhiza.
2. Bij het alternatieve teeltsystemen vond meer kolonisatie van mycorrhiza plaats dan bij de gangbare systemen. Echter bleken de verschillen in kolonisatie wel gering.
3. Het actief toedienen van mycorrhiza heeft nauwelijks effect gehad op de opbrengsten van de gewassen bij het alternatieve teeltsysteem.
4. Het actief toedienen van mycorrhiza heeft nauwelijks effect gehad op de opbrengsten van de gewassen bij het gangbare teeltsysteem.
5. De alternatieve teeltsystemen gaven overal een lagere opbrengst dan de gangbare teeltsystemen. Dit werd veroorzaakt door lagere (stikstof)giften.
Tot slot enkele concrete teeltadviezen:
• Het is de moeite waard op eigen bedrijf op een kleine oppervlakte te experimenteren met mycorrhiza. Zelf ervaring opdoen biedt uiteindelijk de beste basis.
• Het actief toedienen van mycorrhiza heeft alleen zin als er ook aandacht is voor het bedrijfssysteem.
• Bij het alternatieve teeltsysteem was toedienen eigenlijk niet nodig voor kolonisatie, de van nature aanwezige mycorrhiza vormden genoeg kolonisatie. Juist bij het gangbare teeltsysteem was de kolonisatie zonder toediening laag, met toedienen van mycorrhiza nam de kolonisatie sterk toe.
• Bij alternatieve bedrijfssystemen moet erop worden gelet dat de beschikbaarheid van mineralen (NPK) zoveel mogelijk op peil blijft, om vermindering van de opbrengsten te voorkomen.
• Omdat het gaat om kortdurende teelten (akkerbouwgewassen en bolgewassen) is altijd een groenbemester nodig om de mycorrhiza de winterperiode te laten overleven.
